Maïsbrood met rode peper

Maisbrood-met-rode-peper

  • 250 gram bloem
  • 30 gram tarwebloem
  • 60 gram maïsmeel
  • 70 gram maïs (vers of uit een blik of potje, uit laten lekken)
  • 1 ei, losgeklopt
  • 1 bosui, in kleine ringetjes
  • 1 rode peper, zaadjes verwijderd, in piepkleine snippertjes
  • theelepel zout
  • 7 gram verse gist of 15 gram (1 zakje) gedroogde gist
  • 1 eetlepel honing
  • 150 ml lauwwarm water

Doe het meel met het zout in een kom. Doe daar de bosui, peper en maïs bij en schep door elkaar.

Verbrokkel de gist boven het water en roer het door elkaar totdat de gist is opgenomen. Heb je gedroogde gist? Los dan de honing op in het lauwwarme water en doe daar het gedroogde gist bij. Wacht tien minuten totdat de gist gaat werken, het moet een schuimend wit goedje worden.

Maak een kuiltje in de bloem. Doe daar het water met gist in. Doe het losgeklopte ei erbij en de honing. Werk het door het bloem en kneed het deeg tien minuten stevig.

Leg het daarna als een bal in de beslagkom en zet die kom, afgedekt met plastic, weg op een warme plek. Wacht anderhalf uur of langer tot het deeg twee keer zo groot is geworden.

Sla het deeg weer plat en maak er een dikke worst van. Leg die op een bakplaat, waar je eerst wat bloem op hebt gestrooid. Dek weer af met plastic en laat minimaal een uur staan, tot de worst twee keer zo dik is geworden.

Verwarm de oven voor op 200 graden. Doe het brood in de oven en bak in minimaal een half uur bruin en gaar. Als het hol klinkt als je op de onderkant klopt, is het brood klaar.