Courgettejam

In de moestuin ligt een courgette van Tsjernobyl-achtige proporties. Courgettesoep, courgette-bitterballen, ehm… courgettejam? Waarom niet.

  • 500 gram courgette
  • 1 stuk gember zo groot als je duim
  • 250 gram geleisuiker
  • 1 citroen
  • 1 theelepel gedroogde munt

Snij de courgette in kleine blokjes. Haal de zaadjes eruit en leg die weg om te drogen, die kun je volgend jaar gebruiken om weer nieuwe courgettes op te kweken.

Schil de gember en snij in piepkleine blokjes. Doe courgette en gember bij elkaar in een grote pan.

Doe de geleisuiker erbij. Pers de citroen uit, giet het citroensap erbij. Breng aan de kook op laag vuur, roer door. Laat tien minuten doorkoken en test of het al voldoende geleert: een druppel op een schoteltje, minuut wachten en even testen: is het stevig en jam-achtig geworden? Als dat niet zo is: nog even laten koken.

Was potjes af in kokendheet water, droog ze af met een schone theedoek. Schep de jam in de potten, zet ze direct op hun kop. (Ik weet niet waarom dat is, maar mijn oma deed het altijd dus het zal wel ergens goed voor zijn.) Gebruik je weckpotten, dan hoef je ze niet ondersteboven te zetten. Laat afkoelen, zet weg.

Courgettejam is lekker op een vers broodje of een cracker, maar ook bij pittige kaas.