Over het gerecht chocolademousse is niet veel bekend, maar het lijkt waarschijnlijk dat het voor het eerst werd gemaakt in de negentiende eeuw, toen mousses, soufflés en andere luchtige gerechten in de mode begonnen te raken.
Een Deens recept voor dropijs fascineerde me. Maar ik kon het niet lezen. Tot ik Google translate ontdekte. Het bleek verrassend simpel: ijsbasis met zwart-witpoeder.
Een traditionele Franse soep, die gek genoeg voor het eerst werd gemaakt in het Amerikaanse hotel Carlton door een Franse chef met heimwee. Hij dacht met weemoed aan de koele preisoep die zijn moeder vroeger voor hem maakte op warme dagen. Om dezelfde nostalgische redenen noemde hij de soep naar zijn geboorteplaats Vichy.
Je hebt dus mosterd en mosterd. Aan de ene kant: een tube of een potje gele prut met amper smaak, alleen een scherp gevoel. Aan de andere kant: ambachtelijke biologische mosterd, lekker pittig, ook zacht en friszuur. Die eerste laat je staan, die tweede moet je hebben.
Al het eten dat we (nouja, Simone maakt foto’s en ik kook het eten) fotograferen voor het Bazaar Kookboek, moeten we toch even proeven. Pas nadat de foto is gemaakt, meestal – maar deze keer zag het er té lekker uit. Straks in het kookboek dus: de foto van het aardbeien-muntijs waar één hapje van is geproefd.
IJs mislukte niet één keer, niet twee keer, maar wel tien keer. Kook-collega Robert Peereboom (De Kok aan Tafel) legt me uit hoe het wel moet. Een vriezer vol superijs is het fantastische resultaat.
Ik móest dit gerecht uitproberen, door de sprookjesachtige naam alleen al. Het is een Engels dessert uit de zestiende eeuw, dat oorspronkelijk met champagne gemaakt werd.
In de categorie ‘bak, eet en groei dicht’ kwam kookschoolklasgenoot Rosemarie met deze ongelofelijke sticky toffee pudding.
Er groeit rucola en basilicum in de tuin, in de supermarkt liggen weer Siciliaanse citroenen en de courgettes kosten een paar kwartjes. Op mijn bord is het tenminste zomer, dan maakt het weer niet zoveel meer uit.
Als ik iets krijg opgestuurd, waar ik aan heb meegewerkt, wil ik eerst niet kijken; doodsbang dat er een hele erg fout in staat. Na een paar maanden durf ik pas nu het kookboek van de Burgermeester open te slaan.

Ik kook met hart, ziel en roomboter. Het liefst koop ik spullen uit de buurt, in Westfriesland is van alles te krijgen. Volg mijn kookervaringen op dit blog en via 